Korfbal, een unieke Nederlandse sport, kent een rijke historie. Dit artikel duikt in de geschiedenis van korfbal in Nuenen, waarbij we specifiek kijken naar de vereniging NKV Nuenen en de bredere context van korfbal in de regio.
De vroege jaren van korfbal: Een korte introductie
In september 1902 speelden leerlingen van de Nieuwe Schoolvereeniging de eerste korfbalwedstrijd ter wereld. Dit gebeurde op initiatief van Nico Broekhuysen, een leraar die het spel baseerde op een variant van basketbal die hij in Zweden had gezien. De ring van bandijzer werd vervangen door een rieten korf, wat de naam van het nieuwe spel verklaart. Op 2 juni 1903 werd de Nederlandse Korfbalbond (NKB) opgericht. Korfbal was revolutionair omdat het door gemengde teams van mannen en vrouwen werd gespeeld, iets wat destijds ongebruikelijk was.
Nuenen in de Geschiedenis
Gem. Nuenen is een plaats in de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten in de Nederlandse provincie Noord-Brabant, gelegen in het overlappende gebied van zowel de meierij 's-Hertogenbosch als de Brabantse Kempen, tussen Helmond en Eindhoven. Nuenen is de grootste plaats van de gemeente en tevens het dorp waar het gemeentehuis is gevestigd. Na de laatste IJstijd vestigden zich de eerste mensen op een smalle dekzandrug die evenwijdig aan de Dommel liep. De oudste voorwerpen die gevonden zijn worden toegeschreven aan de Tjongercultuur uit het Laatpaleolithicum. Enige voorwerpen uit het Mesolithicum werden gevonden te Vaarle en op de Refelingse Heide. Deze pijlpunten dateren uit omstreeks 8000 v.Chr. Geleidelijk aan drong de landbouw vanuit het zuiden op naar minder vruchtbare gebieden. Uit deze Neolithische cultuur, die omstreeks 5000 v.Chr. De dekzandruggen die zich ter weerszijden van de Hooidonkse Beek bevonden bleken geschikt voor akkerbouw en bewoning. Ten noorden van deze beek zou uiteindelijk Gerwen ontstaan, terwijl ten zuiden ervan Nuenen ontstond, aanvankelijk als een verzameling verspreide agrarische gebouwen. Ook uit de Bronstijd (ongeveer 1500 v.Chr.) zijn voorwerpen gevonden. Uit deze tijd stammen ook enkele grafheuvels en urnenvelden, die tot in de IJzertijd gebruikt werden. Deze verschijnselen wijzen op het bestaan van permanente nederzettingen. Ze worden beschouwd als noordelijke uitlopers van de Keltische cultuur. Vanaf 57 v.Chr. vond een toenemende Romanisering plaats. Nadat omstreeks het jaar 300 het Romeinse Rijk steeds verder verzwakte, ontvolkte het gebied ten gevolge van de chaos, ontstaan door de volksverhuizingen. Geleidelijk aan vestigden zich weer mensen in het gebied en kwam ook de kerstening op gang, onder andere vanuit de abdij van Sint-Truiden. Dit geschiedde vermoedelijk op het eind van de 7e eeuw. Schriftelijke bronnen treffen we aan vanaf 1107. Deze zijn aanvankelijk afkomstig van de Abdij van Sint-Truiden die, via de parochies van Son en Woensel, ook die van Nuenen, Gerwen, en Stiphout bediende. Sint-Clemens werd in voornoemde abdij vereerd. Wereldlijke heren eigenden zich het bezit van de abdijen toe, maar uit zorg voor hun zielenheil schonken zij ook weer goederen aan de kerk. Zo werd Nuenen in 1225 door Dirk van Altena aan het kapittel van Kortessem geschonken. Het wereldlijk bestuur vond in de 13e eeuw waarschijnlijk plaats vanuit het graafschap Rode, waarvan de zetel in Sint-Oedenrode gezocht moet worden. Op Sint-Barbaradag, 4 december 1300 schreef Hertog Jan II van Brabant een brief waarin hij de gemene gronden aan de inwoners van Nuenen en Gerwen in bruikleen gaf. Deze brief is bewaard gebleven. Het betrof woeste gronden voor gemeenschappelijk gebruik. De huidige gemeentelijke bossen zijn hieruit voortgekomen. Op deze dag werden ook gemene gronden uitgegeven aan andere gemeenten. De uitgifte van gemeenterechten was de eerste aanzet tot geregeld bestuur. Tussen 1300 en 1346 is de eerste schepenbank opgericht. Nuenen was in de 14e en 15e eeuw een hertogsdorp wat betekende dat de hertog er rechtstreekse invloed had. De eerste helft van de 15e eeuw was een rustige tijd zonder oorlog waarin de welvaart toenam. Er werd, mogelijk in 1467, met de bouw van een kerk in Kempense gotiek begonnen, op de plaats van een voorganger waaromtrent niets bekend is. Deze kerk stond op de Oude Begraafplaats. Ze werd in 1513 door brand beschadigd en daarna weer opgebouwd. In 1486 werd de verenigde parochie Nuenen en Gerwen gesplitst. In 1452 werd te Nuenen een klooster voor Augustinessen ingericht, dat vanwege wateroverlast na 1462 verplaatst werd naar de huidige locatie Soeterbeek, op een hoogte bij de Dommel. De kloosterlingen waren slotzusters. Vanaf 1472 viel de hertog van Gelre meermalen het gebied in, en vonden plunderingen plaats. In Nuenen en Gerwen vond daardoor een terugval plaats in welvaart, bevolking en aantal huizen. Zo richtten de Gelderse troepen in 1512 grote schade aan. Oorlogshandelingen zouden het gebied daarna nog vele eeuwen teisteren. De oorlogen met Gelre duurden tot 1543 en eisten hun tol, terwijl ook de kosten van de verdediging door de dorpen moesten worden opgebracht. In 1558 werd Nuenen een heerlijkheid. Dit wil zeggen dat de hertog zijn rechten, zoals jachtrecht, benoemingsrecht en dergelijke, verpandde voor bepaalde tijd, aangezien hij geld nodig had. De hertog was toen Filips II. De heer liet een kasteel bouwen te Opwetten. De Tachtigjarige Oorlog werd merkbaar vanaf 1579. Toen Maastricht op de opstandelingen werd veroverd, verwoestten dezen Hooidonck. Daarna was de streek strijdtoneel van Spaansgezinde en Staatse troepen. In 1587 werd Gerwen en een deel van Nuenen door Staatse troepen verwoest. Daarna trokken regelmatig ongedisciplineerde Spaanse en Staatse troepen door de streek die plunderden of moesten worden onderhouden. Tijdens het Twaalfjarig Bestand was er sprake van enige wederopbouw, maar na 1621 begon de strijd weer, en na het Beleg van 's-Hertogenbosch in 1629 brak een periode van gezagsvacuüm aan, de Retorsieperiode, waarin niet duidelijk was wie de baas was in de Meierij, zodat plunderingen door troepen van beide zijden regelmatig plaatsvonden. In 1637 brak een pestepidemie uit die door de soldaten was overgebracht. Nu Nuenen officieel Staats was, werd de uitoefening van de katholieke eredienst verboden en kwamen de kerken in handen van de hervormden. De heerlijkheid Nuenen hield op te bestaan in 1659 toen Nuenen een statendorp werd, bestuurd door de kwartierschout van Peelland in opdracht van de Staten-Generaal. Nederwetten werd een zelfstandig statendorp. Omstreeks deze tijd moet de huidige Nuenense dorpslinde zijn geplant. Er was enige nijverheid in de vorm van brouwerijen en later ontwikkelde zich ook de klompenmakerij. Geleidelijk aan werden er meer bomen geplant. Delfstoffen waren leem en turf. Reeds in 1692 is sprake van een fabrikeur die garens inkocht en deze middels huisarbeid door wevers liet verwerken tot lakens. De rooms-katholieke kerken werden onteigend en de kloosters werden opgeheven, maar het klooster Soeterbeek mocht blijven bestaan tot de laatste non gestorven was. Er mochten echter geen novicen meer worden aangenomen, wat heimelijk toch nog gebeurde. In 1732 werd ook dit klooster opgeheven en vertrokken de zusters naar Deursen. De katholieken waren aanvankelijk aangewezen op de Grenskerk tussen Maarheeze en Weert, die niet in Staats-Brabant, maar in het Graafschap Horn lag. Vanaf 1671 mocht de mis weer worden opgedragen en in 1695 werd waarschijnlijk de eerste schuurkerk ingericht. Het kapittel van Kortessem bezat nog steeds de tiendrechten van de nu protestante kerk, maar betaalde nauwelijks mee aan het onderhoud van de kerk. In 1779 sloeg de bliksem in de kerktoren en stortte een gedeelte ervan in. Het adellijk grootgrondbezit werd voor een deel geliquideerd omdat het niet meer rendabel was. De oorlogen bleven voortduren omdat de streek in een bufferzone was gelegen. Eerst kreeg men te maken met soldaten van de bisschop van Münster in 1666 en met Fransen die deze troepen weer verdreven. Tussen 1672 en 1678 ging het om Franse troepen van Lodewijk XIV. Dit werd de Hollandse Oorlog genoemd. Opnieuw kwamen Franse troepen tijdens de Negenjarige Oorlog die van 1688 tot 1679 duurde. De Fransen en de op hen volgende Staatse troepen moesten betaald worden door de bevolking. Vervolgens was er de Spaanse Successieoorlog van 1702-1713, waarbij de Republiek tegen Frankrijk vocht en Nuenen en omgeving last hadden van plunderende Engelse troepen. In 1794 bereikten de Franse troepen, onder bevel van Pichegru, Nuenen, waar de bevolking de troepen moest onderhouden. De invoering van modern bestuur door de Fransen betekende de oprichting van gemeenten in de moderne zin. Het kasteel te Opwetten, en het klooster te Soeterbeek, vervielen. In 1835 werd te Soeterbeek een herenhuis gebouwd door de textielfabrikantenfamilie Smits van Oyen. Sedert 1846 loopt het Eindhovens Kanaal door de gemeente. De eerste spoorweg, inclusief station Nuenen-Tongelre te Eeneind, werd in 1866 geopend. De eerste verharde weg, van Lieshout via Gerwen en Nuenen naar Tongelre, kwam in 1872 gereed. In Nuenen ontstonden een aantal kleine textielfabrieken die deels op huisarbeid waren gebaseerd. Van belang is dat dominee Begemann in 1845 met een linnenfabriek begon. Dit werd in 1871 een stoomweverij, die echter reeds in 1879 failliet ging. Ook een korenmolen werd gebouwd, die in 1884 in gebruik werd genomen. In 1917 werd een boterfabriek gebouwd en in 1921 een landbouwwerktuigenfabriek. In 1920 verrees te Eeneind een steenfabriek. De beschadigde kerk was voor de katholieken niet meer bruikbaar, zodat zij de schuurkerk bleven gebruiken. In 1823 werd de ruïne van de oude kerk gesloopt om met de stenen de schuurkerk te herstellen. In 1854 kwam de parochie Nuenen bij het decanaat Eindhoven. Pastoor Van Lent nam het initiatief tot de bouw van de huidige Sint-Clemenskerk. Architect was Carl Weber en in 1872 werd de kerk ingewijd. De schuurkerk werd afgebroken en ook de toren van de Oude kerk werd in 1885 afgebroken. De Sint-Antoniuskapel te Opwetten liet men vervallen. In 1887 werd het Sint-Elisabeth gesticht van de Zusters van Liefde gebouwd. De bebouwing in de buurt van de nieuwe kerk leidde tot een verplaatsing van het centrum van Nuenen naar het Park. De hervormde gemeente werd bij die van Mierlo gevoegd, waar in 1812 een klein kerkje was gebouwd. Dit was niet praktisch, en in 1824 werd te Nuenen het kerkje aan de Papenvoort gebouwd, nu bekend als het Van Goghkerkje. Vincent van Gogh woonde van 1883 tot 1885 te Nuenen. Aardappelziekten leidden vanaf 1845 tot misoogsten. Dit leidde tot armoede en tiendoproeren. In de eerste helft van de twintigste eeuw verdubbelde de Nuenense bevolking. Het aandeel van fabrieksarbeiders nam toe. Het Park, oorspronkelijk een bleekveld voor het klooster, werd verfraaid met een muziekkiosk in 1904. De bezettingsjaren tijdens de Tweede Wereldoorlog, van 1940 tot 1944 brachten een geleidelijk toenemende repressie en verzet, en enige schade door bommen en enkele neerstortende vliegtuigen. In september 1944 vond de Operatie Market Garden plaats waarbij in Son een noodbrug werd aangelegd door de Amerikanen. De Duitsers probeerden deze brug te bereiken, konden niet over de brug bij Soeterbeek, die daarom Willem Hikspoorsbrug is gaan heten naar de tuinman van Soeterbeek die de Duitsers adviseerde om rechtsomkeert te maken. Uiteindelijk konden een aantal Britse tanks wel over deze brug heen om op te rukken. Nuenen werd op 21 september 1944 bevrijd. Bij deze strijd werd schade aangericht en vielen enkele slachtoffers. Ook Gerwen en Nederwetten werden dezer dagen bevrijd. Na de Bevrijding wordt Nuenen vooral gekenmerkt door een snelle groei en door de bouw van vele nieuwbouwwoningen. Door de uitbreiding van Nuenen, aanvankelijk in westelijke richting, ontstond behoefte aan een tweede kerk, de Sint-Andrieskerk, die in 1964 tot stand kwam maar, door verkeerde planning en de intredende ontkerkelijking, op 30 juli 2006 werd afgestoten. De kerk is juli 2007 gesloopt voor de bouw van appartementen. Met name de woningbouw in Nuenen-Zuid deed het inwonertal toenemen. Ook Nuenen-Oost werd gebouwd, waarbij de Hooidonkse Beek werd overschreden. Er kwamen nieuwe bedrijventerreinen, terwijl de oude industriële bedrijven aan de Berg verdwenen. Een reeks van feesten en herdenkingen vond plaats in Nuenen: de Vincent van Goghjaren 1990 en 2003, 700 jaar gemeenterechten in 2000, het 500-jarig jubileum van de parochie Nuenen in 1996 en 350-jarig bestaan van de hervormde gemeente Nuenen in 1998. De Nuenense katholieke parochie is in 1496 afgesplitst van de parochie Nuenen-Gerwen. Naast de Clemenskerk werd in 1964 een tweede parochiekerk ingewijd, de Sint-Andrieskerk. Deze werd ontworpen door Jan de Jong en is een voorbeeld van architectuur van de Bossche School. Het was een sober bakstenen kerkgebouw met vaste getalsverhoudingen, namelijk 3:4. Door verkeerde planning, gevoegd bij de algemene ontkerkelijking, werd het gebouw op 31 december 2003 buiten gebruik genomen en in 2007 werd de Sint-Andrieskerk gesloopt. Het drieluik van Hugo Brouwer werd verplaatst naar de kerk van Odiliapeel, wat eveneens een kerk is van de Bossche School. Ook het tabernakel zal een plaats in deze kerk vinden. De Nuenense Hervormde gemeente werd in 1648 gesticht, bij de Vrede van Münster. De hervormde gemeente van Nuenen staat, samen met die van Geldrop, aan de wieg van het Samen op Weg-proces dat geleid heeft tot de kerkfusie waaruit de PKN is voortgekomen. In tegenstelling tot de landelijke trend groeide het aantal protestanten in Nuenen, vooral ten gevolge van import en de groei van het inwoneraantal. Ook de samenwerking tussen de rooms-katholieken en de protestanten is in Nuenen al vroeg van de grond gekomen. Gegeven Sint-Barbaradag 1300: een overzicht van de geschiedenis van Nuenen, Gerwen en Nederwetten (2000), door Jean Coenen. De oude kern van het dorp Nuenen wordt gevormd door een driehoekig plein, genaamd 'De Berg', dat doorloopt naar een groter driehoekig plantsoen, 'Het Park'. Dit laatste is in de negentiende eeuw aangelegd en men vindt hier de muziekkiosk, een monument voor Vincent van Gogh en een monument dat de Zusters van Liefde herdenkt. Molen 'De Roosdonck'. Een ronde stenen Beltmolen van het type bovenkruier. Gebouwd in 1884 en pas gereedgekomen nadat een tragisch ongeval had plaatsgevonden: tijdens de bouw stortte de molen in, waarbij een dodelijk slachtoffer viel. De molen is nog wekelijks in gebruik als korenmolen. Opwettense watermolen. Watermolen in de Kleine Dommel, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de elfde eeuw. De huidige gebouwen dateren van 1743. Het binnenwerk, waaronder een stampwerk voor het persen van lijnzaad, is nog aanwezig. Een molenaarswoning uit de 17e of 18e eeuw completeert het geheel. Deze onderslagmolen heeft het grootste waterrad van Noord-Brabant, met een diameter van 9,30 m. Hooydonkse molen. Noordelijk van Nederwetten gelegen. Deze watermolen behoorde tot het vrouwenklooster Hooydonk en ontleent zijn naam aan het feit dat de molen op het hoogste punt van de omgeving is gebouwd. Sint-Clemenskerk. Deze Rooms-Katholieke kerk van Carl Weber staat aan het Park. Ze werd gebouwd in een combinatie van neoromaanse en neogotische stijlen in 1872. Ze verving de schuurkerk. In de kenmerkende achtkante toren hangen enkele oude klokken, waarvan een uit 1490. Het interieur van de kerk is overgeschilderd in 1942. Restauraties zijn uitgevoerd in 1998 en in 2003. In het laatste jaar is het interieur weer zo veel mogelijk in de oorspronkelijke staat gebracht. Van Goghkerkje. Dit is een Hervormde waterstaatkerk uit 1824. Het kerkje ligt bijzonder schilderachtig met op de achtergrond het groen van het Park Houtrijk, een oude villatuin. Theo van Gogh, de vader van Vincent van Gogh preekte hier. Vincent van Gogh heeft deze kerk meermalen op het…
De oprichting en vroege geschiedenis van NKV Nuenen
Helaas is er geen specifieke informatie beschikbaar over de exacte oprichtingsdatum en de beginjaren van NKV Nuenen in de verstrekte data. Om de vroege geschiedenis van NKV Nuenen te reconstrueren, zou verder onderzoek nodig zijn in lokale archieven, interviews met oud-leden of andere historische bronnen.
De ontwikkeling van NKV Nuenen door de jaren heen
Net als de exacte oprichtingsdatum, ontbreekt gedetailleerde informatie over de groei en ontwikkeling van NKV Nuenen. Wel kunnen we aannemen dat de vereniging, net als andere korfbalclubs in Nederland, een periode van groei en bloei heeft gekend in de decennia na de Tweede Wereldoorlog. Korfbal werd populairder en meer verenigingen werden opgericht.
Lees ook: Nuenen Hockey Makreel: Een historisch overzicht
NKV Nuenen in het moderne korfbal
De recente ontwikkelingen binnen NKV Nuenen laten een actieve en betrokken vereniging zien. Uit de verstrekte informatie blijkt dat NKV Nuenen een bloeiende vereniging is met diverse teams en activiteiten.
- Wedstrijden en evenementen: NKV Nuenen organiseert en neemt deel aan diverse wedstrijden en evenementen. Zo zijn er wedstrijden gepland voor verschillende jeugdteams en seniorenteams.
- Jeugdopleiding: De vereniging heeft een actieve jeugdafdeling met diverse teams in verschillende leeftijdscategorieën.
- Accommodatie: NKV Nuenen maakt gebruik van sportcomplex Eindhoven-Noord en Wettenseind.
- Vrijwilligers: NKV Nuenen draait op de inzet van vele vrijwilligers die actief zijn in commissies, achter de bar, in de keuken, aan de jurytafel, op het trainingsveld en in het bestuur.
Korfbal in de regio: Een overzicht
Nuenen is gelegen in Noord-Brabant, een regio waar korfbal traditioneel gezien populair is. Er zijn diverse andere korfbalverenigingen in de omgeving, waarmee NKV Nuenen ongetwijfeld een band heeft, zowel sportief als sociaal.
De toekomst van NKV Nuenen
Met een actieve ledenbestand, betrokken vrijwilligers en een duidelijke focus op de jeugd heeft NKV Nuenen een goede basis voor de toekomst. De vereniging zal ongetwijfeld blijven werken aan de verdere ontwikkeling van haar leden, teams en de vereniging als geheel.
KNKV: De overkoepelende organisatie
Het Koninklijk Nederlands Korfbalverbond (KNKV) speelt een cruciale rol in de ontwikkeling van korfbal in heel Nederland, inclusief NKV Nuenen. Het KNKV is verantwoordelijk voor de spelregels, de competitie-indeling, de opleiding van trainers en scheidsrechters, en de promotie van de sport.
Wijzigingen in de spelregels en competitie
Het KNKV voert regelmatig wijzigingen door in de spelregels en de competitie-indeling. Zo is er sprake van A-categorie (wedstrijdkorfbal) en B-categorie (breedte-korfbal). Ook zijn er wijzigingen doorgevoerd in de speelgerechtigheid en invalmogelijkheden bij de teams.
Lees ook: Inschrijven Hockeyclub Nuenen
Lees ook: Kubb en Honkbal in Nuenen
tags: #nkv #nuenen #korfbal #geschiedenis