Voetbal is een populaire sport die over de hele wereld wordt gespeeld. Het spel vereist een bal, twee teams, een veld met doelen en lijnen, een scheidsrechter en grensrechters. De spelregels zijn essentieel voor een eerlijk en sportief verloop van de wedstrijd. Dit artikel beschrijft hoe een voetbal eruitziet en geeft een overzicht van de belangrijkste aspecten van het spel.
Het voetbalveld: Afmetingen en kenmerken
Een voetbalwedstrijd wordt gespeeld op een rechthoekig veld, meestal van gras of kunstgras. De afmetingen van een voetbalveld variëren, maar er zijn wel bepaalde afspraken over de minimale en maximale grootte. In Nederland moet een voetbalveld minstens 100 meter lang en 64 meter breed zijn, en mag het niet langer zijn dan 105 meter en niet breder dan 69 meter. Voor jeugdspelers in de F- of E-categorieën wordt er op een half speelveld gespeeld.
Het veld is gemarkeerd met verschillende lijnen, die elk een specifieke functie hebben. De lijnen rondom het veld geven de grenzen aan. De lange lijnen heten zijlijnen en de korte lijnen heten doellijnen. De middenlijn verdeelt het veld in twee gelijke helften.
De voetbal: Materialen en eisen
De bal is natuurlijk het belangrijkste voorwerp om te kunnen voetballen. Zonder bal kan er geen doelpunt worden gescoord! Een voetbal is gemaakt van stevig materiaal, zodat hij tegen een stootje kan. Voor jonge voetballers is een standaard voetbal vaak te groot, daarom spelen pupillen vaak met een kleinere bal.
Mocht een bal tijdens het spel stuk gaan, dan laat de scheidsrechter een nieuwe bal vallen op de plek waar de oude bal stuk ging. Dit geldt niet als de bal in het doelgebied stuk is gegaan.
Lees ook: Passie en Kritiek NAC Breda Ultras
Het doel: Afmetingen en geldigheid van doelpunten
Op een voetbalveld staan twee doelen. Een doelpunt is geldig wanneer de bal de doellijn volledig is gepasseerd.
Spelers en uitrusting
Een voetbalteam bestaat uit maximaal elf spelers, waarvan één de keeper is. Om een wedstrijd te mogen starten, moeten beide teams uit minstens zeven spelers bestaan. F- en E-teams bestaan uit maximaal zeven spelers, die op een half speelveld spelen.
De voetbaluitrusting van een speler bestaat uit een shirt, een broek, kousen en scheenbeschermers. Scheenbeschermers moeten volledig bedekt zijn met de kousen. Onder het shirt mag onderkleding gedragen worden, mits deze dezelfde hoofdkleur heeft als de broek en niet verder komt dan de knie. Het is niet toegestaan om sieraden te dragen tijdens een voetbalwedstrijd, omdat dit gevaarlijk kan zijn voor de speler zelf en voor andere spelers.
De scheidsrechter en assistent-scheidsrechters
Elke voetbalwedstrijd staat onder leiding van een scheidsrechter. De scheidsrechter is verantwoordelijk voor het volgen van het spel en het toepassen van de spelregels. De beslissingen van de scheidsrechter zijn bindend, hoewel de scheidsrechter op een beslissing terug mag komen zolang het spel nog niet is hervat. De scheidsrechter kan bij een overtreding de voordeelregel toepassen, waardoor het spel door kan gaan als het team dat de bal heeft in het voordeel is. De scheidsrechter kan ook besluiten om een wedstrijd te staken.
De assistent-scheidsrechters, ook wel grensrechters genoemd, helpen de scheidsrechter bij het handhaven van de spelregels. Ze adviseren de scheidsrechter en geven bijvoorbeeld aan wanneer de bal uit is of wanneer een speler buitenspel staat.
Lees ook: Kleding en benodigdheden Uganda
Spelregels en overtredingen
De spelregels zijn afspraken die ervoor zorgen dat een voetbalwedstrijd sportief en eerlijk verloopt. De belangrijkste spelregels worden hieronder uitgelegd:
Wanneer is de bal uit? Wanneer is de bal in?
De bal is uit het spel wanneer deze volledig over de zijlijn of doellijn is gegaan, of wanneer de scheidsrechter het spel heeft stilgelegd. Op ieder ander moment is de bal in het spel.
Buitenspel
Een speler staat buitenspel als hij dichter bij de doellijn van de tegenstander staat dan de bal en de voorlaatste tegenstander. Buitenspel is echter geen overtreding op zichzelf; het wordt pas strafbaar als de speler actief deelneemt aan het spel terwijl hij in buitenspelpositie staat.
Spelhervattingen
Wanneer het spel is stilgelegd, moet het spel worden hervat met een spelhervatting. Er zijn verschillende soorten spelhervattingen:
- Aftrap: Een aftrap wordt gebruikt om het spel te beginnen of te hervatten na een doelpunt. De aftrap wordt genomen vanaf de middenstip.
- Inworp: Een inworp wordt toegekend wanneer de bal over de zijlijn is gegaan. De speler die de inworp neemt, moet beide voeten op de grond houden en de bal met twee handen over het hoofd ingooien.
- Doelschop: Een doelschop wordt toegekend wanneer de bal over de doellijn is gegaan en als laatste is aangeraakt door een speler van het aanvallende team. De doelschop wordt genomen vanaf een punt binnen het doelgebied.
- Hoekschop: Een hoekschop wordt toegekend wanneer de bal over de doellijn is gegaan en als laatste is aangeraakt door een speler van het verdedigende team. De hoekschop wordt genomen vanaf de hoekvlag aan de kant waar de bal over de doellijn is gegaan.
- Vrije schop: Een vrije schop wordt toegekend na een overtreding. Er zijn twee soorten vrije schoppen: de directe vrije schop en de indirecte vrije schop. Bij een directe vrije schop mag de bal rechtstreeks in het doel worden geschoten, terwijl bij een indirecte vrije schop de bal eerst door een andere speler moet worden aangeraakt voordat er een doelpunt kan worden gescoord.
- Strafschop: Een strafschop wordt toegekend wanneer een speler een overtreding begaat binnen het eigen strafschopgebied. De strafschop wordt genomen vanaf de strafschopstip, die zich op 11 meter van de doellijn bevindt.
Disciplinaire straffen
De scheidsrechter kan disciplinaire straffen uitdelen aan spelers die de regels overtreden of zich onsportief gedragen. De meest voorkomende disciplinaire straffen zijn de gele kaart en de rode kaart. Een gele kaart is een waarschuwing, terwijl een rode kaart betekent dat de speler direct van het veld moet en niet meer mag deelnemen aan de wedstrijd. Twee gele kaarten in dezelfde wedstrijd staan gelijk aan een rode kaart.
Lees ook: Steun het Nederlands Elftal met stijl
Hoe win je een voetbalwedstrijd?
Om een voetbalwedstrijd te winnen, moet een team meer doelpunten scoren dan de tegenstander. Als beide teams evenveel doelpunten scoren, of als er helemaal niet is gescoord, eindigt de wedstrijd in een gelijkspel. In sommige gevallen, bijvoorbeeld bij een toernooi, moet er per se een winnaar komen. In dat geval kan er een verlenging worden gespeeld, of kunnen er strafschoppen worden genomen.
Een voetbalwedstrijd duurt 90 minuten, verdeeld over twee helften van 45 minuten. Na de eerste helft is er een rustperiode van maximaal 15 minuten. De scheidsrechter kan in elke helft tijd bijtellen voor de tijd die verloren is gegaan door bijvoorbeeld blessures of andere onderbrekingen.
Leds Voetbal: Een moderne variant
Een interessante moderne variant op het traditionele voetbal is Leds Voetbal. Hierbij worden het veld en de doelen omgeven door lichtslangen met duizenden LED-lampjes, aangesloten op 230V netstroom. De teams zijn te herkennen aan lichtgevende hesjes met LED-lampjes, waarbij de keeper een knipperlichtfunctie gebruikt. Leds Voetbal kan zowel op een (kunstgras) voetbalveld als indoor gespeeld worden, met dezelfde spelregels als een reguliere voetbalwedstrijd. Een standaard speelveld voor Leds Voetbal is 25x35 meter. Deze variant kan alleen gespeeld worden bij droog weer, omdat de materialen niet bestand zijn tegen regen, hagel of sneeuw.